logo Willem II Willem II

Nieuws

18 april 2017

Column: ‘Is het weer zo’n generatiedingetje?’

Natuurlijk zijn ze er nog wel, de voetballers die met hart en ziel zonder opsmuk leven voor het voetbal. die ’s morgens na het douchen zonder poespas even een kammetje door hun haar trekken. Je zou alleen willen dat het er toch wat meer waren!

Ik ademde in mijn bescheiden ‘sportieve loopbaan’ nou niet bepaald de grandeur uit van de vedette. Mijn shirtje ontbeerde de Italiaanse snit of beter gezegd was ronduit vormloos, maar desalniettemin ook toen al veruit het mooiste van Nederland. De grijze kousen met rood-wit-blauwe boorden hingen net als de toentertijd populaire bakkebaarden tot zowat op mijn enkels. Het haar was eenduidig bloempot-strak geknipt en de kicksen met stalen neus waren zwart, witgeveterd en miste elke vorm van elegantie.

In tegenstelling tot vroeger heeft de huidige voetbalprof een complete metamorfose ondergaan en is allengs veranderd in een trendy paradijsvogel. Allerlei beroepsgroepen spelen daar handig op in en proberen elkaar jaarlijks af te troeven in hun strijd om zogenaamd de snelste, de lichtste, of meest opvallendste outfit. Kleur is momenteel de hype bij de voetbalschoen, maar zwart is mijns inziens onmiskenbaar bezig aan zijn comeback. De voetbalkleding is vandaag de dag gemaakt van gerecyclede PET flessen afgewerkt met reeds eerder gebruikte katoenvezels. Duurzaam, veelal felkleurig, aerodynamisch maar bovenal modieus te noemen. En de nog zichtbare en onzichtbare delen van het lichaam zijn in de regel door de plaatselijke tatoeëerder volgeprikt met een rijk scala aan afbeeldingen, variërend van clublogo’s, namen van dierbaren etc, tot naar ik vermoed het boodschappenlijstje van vrouwlief voor de aankomende week toe. Waar nodig is op speciaal verzoek op een meer intiemere plaats zelfs een heuse keilbout geplaatst.

Ook de kapper heeft zijn plekje inmiddels veroverd in de kleedkamer. Tegenwoordig is de door Graziano Pellè ooit geïntroduceerde gesneden scheiding niet meer weg te denken op de Nederlandse velden. Evenals het kunstzinnig opgeschoren hoofd met daar bovenop, een naar het lijkt geblondeerde marmot of cavia, die onder luid protest van de aanwezige leden van ‘De vereniging tegen mis- of oneigenlijk gebruik van kleine huisdieren’ zijn onverwachtse Waterloo vindt tijdens het eerste de beste kopduel, maar na de thee door toedoen van de privé-haararchitect weer als herboren de schedel van de desbetreffende speler siert. Het moet gezegd, maar bij een enkeling gaat het wisselen van kapsel, hem beter af dan ‘n pass over twintig meter. Ach! Misschien ligt het aan mij hoor, of is het weer gewoon zo’n generatiedingetje. Ik kan er eigenlijk best wel mee leven!

Sooike